Chat met ons
2,5% extra korting op alles · vanaf €500,- CodeEXTRA

Draad & kabel

Voor elke elektrische of technische klus is de juiste kabel belangrijk. Of je nu een nieuwe installatie aanlegt, een aansluiting uitbreidt of kabels wilt vervangen: hier vind je kabels en draden voor uiteenlopende toepassingen.

Van installatiedraad en installatiekabel voor elektra tot grondkabel voor buiten, UTP-kabel voor internet en coaxkabel voor televisie. Ook aansluitdraad, luidsprekerkabel, buskabel en verschillende aansluitsnoeren zijn verkrijgbaar.

Kies de kabel die past bij jouw toepassing, de gewenste lengte en de benodigde uitvoering. Zo leg je eenvoudig een veilige, betrouwbare en nette verbinding aan.


 

Draad & kabel

Draad en kabel: welke heb je nodig?

Van installatiedraad voor in de buis tot grondkabel naar de schuur, van UTP voor je netwerk tot een soepel snoer voor een lamp. In deze categorie vind je alle draad en kabel voor een elektrische installatie, plus de stekkers, snoerschakelaars en contactdozen die erbij horen.

Merken als Draka, Nexans, TKF, Lapp, Belden, Excel en Pipelife, per meter of per rol van 100 meter. Weet je niet welke soort je nodig hebt? Onderaan deze pagina staat een keuzehulp die je in drie vragen op weg helpt.

De drie meestgestelde vragen: welke soort kabel, welke doorsnede in mm², en hoeveel meter. Alle drie staan hieronder uitgelegd.

Snel naar de juiste soort

Negentien categorieën, gegroepeerd naar waar je ze voor gebruikt.

Vaste elektrische installatie

Alles voor de bedrading van groepenkast naar schakelaars, stopcontacten en verlichting.

Buiten en in de grond

Naar de schuur, het tuinhuis, de laadpaal of de buitenverlichting.

Data, tv en signaal

Netwerk, televisie, telefoon, geluid en domotica.

Snoeren, stekkers en toebehoren

Voor apparaten, verlengsnoeren en losse aansluitingen.

Bijzondere toepassingen

Hoge temperaturen en machinebouw.

Advies en hulp

Twijfel je over soort, doorsnede of aantal meters? Leg het ons voor.

Draad of kabel? Het belangrijkste verschil

Dit is de eerste keuze, en waar het het vaakst misgaat. Het verschil zit niet in de kwaliteit maar in de manier waarop je het mag aanleggen.

SoortWat het isAanlegWaarvoor
Installatiedraad (VD) Één massieve koperader met PVC-isolatie, per kleur los verkocht Alleen in een buis of in een gesloten kanaal- of gootsysteem. Nooit los of geklemd op de wand. De standaard voor woningbouw: door de buizen in wanden, vloeren en plafonds
Installatiekabel (YMvK) Meerdere aders samen onder één PVC-mantel Mag zonder buis: geklemd op de wand, weggewerkt in de wand, in een kabelgoot of op een ladder Bijgebouwen, technische ruimtes, zichtbare aanleg, zwaardere groepen
Grondkabel (YMvK-as) Als YMvK, maar met een aardscherm van staaldraden eromheen Rechtstreeks de grond in, zonder beschermbuis Naar schuur, tuinhuis, laadpaal of buitenverlichting
VMVL Soepel snoer met gedraaide aders Niet voor vaste aanleg: niet inmetselen, niet instucen, niet ingraven Het aansluiten van verplaatsbare apparaten, lampen en verlengsnoeren
VMVL is geen vervanger voor YMvK

Dit is een veelgemaakte fout. VMVL is een soepel snoer voor apparaten die je kunt verplaatsen. Het hoort niet in een muur, niet onder de stucco en niet in de grond. Voor vaste aanleg gebruik je installatiedraad in een buis of YMvK.

Welke doorsnede in mm² heb je nodig?

De doorsnede bepaalt hoeveel stroom een kabel veilig aankan. Hoe dikker de ader, hoe meer stroom en hoe minder spanningsverlies over een lange afstand.

Belangrijk om te weten: er bestaat geen vaste tabel die zegt "16 ampère hoort bij 1,5 mm²". De norm NEN 1010 schrijft een berekening voor waarin ook de installatiemethode meetelt. Dezelfde 1,5 mm² kan 19,5 A aan wanneer hij los op de wand ligt, maar slechts 14,5 A wanneer hij in een buis in een geïsoleerde wand zit. Daar komen nog spanningsval, bundeling en omgevingstemperatuur bij.

De gangbare praktijk in Nederlandse woningen

Onderstaande tabel is een praktijkrichtlijn, geen normeis. Voor een definitieve keuze laat je de installatie berekenen door een erkende installateur.

ToepassingGangbaar in de praktijkWaarom
Lichtgroep 16 A1,5 mm², in nieuwbouw vaak 2,5 mm²Klassiek 1,5; 2,5 geeft ruimte voor later en minder spanningsval
Stopcontactgroep 16 A2,5 mm²In een geïsoleerde wand haalt 1,5 mm² de vereiste belastbaarheid niet
Groep 20 A2,5 mm² bij gunstige aanleg, anders 4 mm²In buis in een geïsoleerde wand is 2,5 mm² op 20 A te krap
Kookgroep / Perilex5 aders van 2,5 mm²Twee fasen van 16 A plus nul en aarde
Laadpaal 1 fase 16 A2,5 mm²Eigen eindgroep, verplicht volgens NEN 1010 rubriek 722
Laadpaal 1 fase 32 A6 mm²Continubelasting over langere afstand
Laadpaal 3 fasen 11 kW5 aders van 4 of 6 mm²Rekenkundig kan 2,5 mm², maar afstand en continubelasting maken zwaarder verstandig

Twijfel je? Stuur ons de lengte van de kabel, het vermogen van het apparaat en hoe de kabel wordt aangelegd, dan denken we mee. Voor een laadpaal geldt bovendien dat elk laadpunt een eigen eindgroep met eigen beveiliging moet krijgen.

Aderkleuren: wat betekent welke kleur?

De kleuren zijn geen smaakkwestie maar vastgelegd in NEN 1010. Wie ze door elkaar haalt, maakt het voor de volgende monteur onnodig gevaarlijk.

  • Groen/geel is altijd de aarde. Deze kleurcombinatie mag voor niets anders worden gebruikt. Ook een ader die alleen groen of alleen geel is, mag je niet gebruiken.
  • Blauw is de nulgeleider. Er is één uitzondering: in een installatie zonder nulgeleider mag blauw als fase worden ingezet, mits er geen verwarring kan ontstaan. Als aarde nooit.
  • Bruin, zwart en grijs zijn de fasen. Alle drie zijn geldig. Gebruikelijk is bruin voor L1, zwart voor L2 en grijs voor L3, maar de norm koppelt geen kleur dwingend aan een specifieke fase.
  • Zwart is geen schakeldraadkleur meer. In NEN 1010:2020 is de Nederlandse bepaling daarover vervallen. Een schakelader is gewoon een actieve geleider en mag bruin, zwart of grijs zijn.

Let bij meeraderige kabel op dat de kleur over de hele lengte klopt. Een ader aan het uiteinde omwikkelen met gekleurde tape is niet toegestaan.

Wat betekent 3G2,5 en 3x2,5?

Twee schrijfwijzen die veel verwarring geven, terwijl het verschil simpel is:

  • De G staat voor een groen/gele aardader. 3G2,5 betekent drie aders van 2,5 mm², waarvan er één de aarde is: bruin, blauw en groen/geel.
  • De x betekent geen aardader. 3x2,5 is drie aders van 2,5 mm² zonder groen/gele geleider.
  • Het cijfer vooraan is altijd het totaal aantal aders, inclusief de aarde. Een 5G2,5 heeft dus drie fasen, een nul en een aarde.
Let op de specificatie, niet op de letter

In de praktijk gebruiken leveranciers en webshops de x en de G door elkaar. Het komt regelmatig voor dat een kabel "3x1,5" heet terwijl er wel degelijk een groen/gele ader in zit. Kijk daarom altijd bij de productspecificatie of er een beschermingsgeleider aanwezig is, in plaats van af te gaan op de productnaam.

Brandklasse: Eca, Dca en B2ca

Sinds de Europese bouwproductenverordening heeft elke vast te installeren kabel een brandklasse. Die zegt hoe de kabel zich bij brand gedraagt: hoe snel het vuur zich langs de kabel verspreidt en hoeveel rook er vrijkomt. De klassen lopen van Aca (best) via B2ca, Cca en Dca naar Eca en Fca.

In Nederland is dit sinds 1 januari 2024 geregeld in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), dat het Bouwbesluit heeft vervangen. De eis geldt alleen voor leidingen die grenzen aan de binnen- of buitenlucht.

Ruimte in een woningVereiste klasseVoorbeeld
Gewone ruimtesDcaWoonkamer, slaapkamer, keuken, berging
Beschermde vluchtrouteCcaGemeenschappelijk trappenhuis in een appartementengebouw
Extra beschermde vluchtrouteB2caDe hoofdvluchtweg van een woongebouw

Wat betekent dat voor jouw bestelling?

  • Installatiekabel (YMvK) is bij ons Dca. Dat is precies wat je voor normale ruimtes in een woning nodig hebt.
  • Installatiedraad (VD) is bij ons Eca. Dat mag, zolang de buis volledig is weggewerkt in een wand, vloer of plafond: dan grenst de leiding niet aan de lucht. Ligt de buis in een holle wand, een verlaagd plafond of een verhoogde vloer, dan grenst hij wél aan binnenlucht en heb je Dca nodig.
  • Voor vluchtroutes en veel utiliteitsbouw geldt een zwaardere eis. Werk je aan zo'n project, controleer dan altijd het bestek voordat je bestelt.

Achter de hoofdletter staan vaak nog toevoegingen als s2, d2 en a3. Die gaan over rookontwikkeling, brandende druppels en zuurgraad. Het Bbl stelt daarvan alleen een eis aan de rookklasse.

Kabel in de grond leggen

Ga je naar een schuur, tuinhuis, laadpaal of buitenverlichting, gebruik dan grondkabel YMvK-as. De "as" staat voor aardscherm: een vlechtwerk van gegalvaniseerde staaldraden met een koperen aarddraad. Dat scherm beschermt de kabel mechanisch en voert foutstroom af, waardoor de kabel rechtstreeks de grond in mag zonder beschermbuis.

  • Diepte: NEN 1010 schrijft een sleufdiepte van ten minste 0,5 meter voor. De vaak genoemde 60 centimeter is geen normeis maar aanlegpraktijk van netbeheerders. In een tuin waar gespit wordt, is dieper altijd verstandiger.
  • Markering is wel verplicht. Boven de kabel moet een kabelafdekking of een geschikt waarschuwingslint liggen. In de praktijk leg je dat 10 tot 30 centimeter boven de kabel.
  • Gewone YMvK hoort niet de grond in. Die mist het aardscherm. Gebruik altijd de as-uitvoering.
  • Graaf je in openbare grond? Meld dat vooraf via een KLIC-melding, zodat je weet waar leidingen van anderen liggen.

Een mantelbuis is handig wanneer je de kabel later wilt kunnen vervangen of wanneer je nu alvast een lege route wilt aanleggen. De buizen worden geleverd inclusief trekdraad.

Per meter of per rol?

Veel kabels verkopen wij zowel per meter als per rol van 100 meter. De keuze is vooral een rekensom:

  • Per meter bij een reparatie, een enkele groep of een korte trek. Je betaalt alleen wat je gebruikt en houdt niets over.
  • Per rol vanaf ongeveer vijftig meter. Per meter is een rol duidelijk voordeliger, en je hebt altijd genoeg.
  • Voorbedrade installatiebuis als je nieuw bouwt of grondig verbouwt. Buis en draad zitten al bij elkaar, dus je hoeft niet apart in te trekken met een veer. Dat scheelt veel arbeid.

Bij het bepalen van de lengte: meet de kortste route, tel de bochten en de weg omhoog mee, en doe er ongeveer een kwart bovenop. Reken per aansluitpunt bovendien op een meter reserve aan beide kanten, zodat je in de doos genoeg speling hebt.

Keuzehulp: welke kabel past bij jouw klus?

Wat je gaat doenWat je nodig hebt
Nieuwe groep aanleggen door de muurInstallatiedraad in een buis, of voorbedrade buis
Zichtbare aanleg in garage of bergingYMvK installatiekabel, mag zonder buis op de wand
Stroom naar de schuur of het tuinhuisYMvK-as grondkabel, minstens 0,5 m diep met markeringslint
Laadpaal aansluitenGrondkabel in 4 of 6 mm², met een eigen eindgroep in de groepenkast
Netwerkpunt of wifi-puntUTP kabel Cat 6, plus een data wandcontactdoos
TelevisieaansluitingCoaxkabel naar de meterkast, plus UTP naar de tv voor de nieuwe decoders
Lamp of apparaat aansluitenVMVL snoer met een stekker
Domotica en slimme bedieningBuskabel voor KNX
Armatuur met hoge temperatuurSiliconen kabel
Machine of besturingskastFlex stuurstroomkabel

Veelgestelde vragen over draad en kabel

Klik op een vraag om het antwoord te lezen. Bovenaan staan de basisvragen, daaronder de technische details.

De basis

Wat is het verschil tussen draad en kabel?

Installatiedraad is één losse ader met isolatie eromheen. Die moet altijd door een buis, want zonder buis ligt hij onbeschermd. Kabel is meerdere aders samen onder één beschermende mantel; die mag je gewoon op of in de wand leggen. In Nederlandse woningen zit meestal draad in buizen door de muren, en kabel op plekken waar geen buis ligt, zoals een garage of schuur.

Wat betekenen die mm² eigenlijk?

Dat is de dikte van de koperen ader, gemeten in vierkante millimeters. Hoe dikker, hoe meer stroom er veilig doorheen kan zonder dat de kabel warm wordt, en hoe minder spanning je verliest over een lange afstand. Voor een lichtgroep is 1,5 mm² gebruikelijk, voor stopcontacten 2,5 mm², en voor zware dingen zoals een laadpaal 4 of 6 mm².

Welke kleur draad is de aarde?

Groen met geel, altijd. Die kleurcombinatie mag voor niets anders worden gebruikt, dus als je hem ziet is het de aarde. Blauw is de nulgeleider. Bruin, zwart en grijs zijn de fasen, oftewel de draden waar spanning op staat.

Hoeveel meter moet ik bestellen?

Meet de kortste route van de meterkast naar het punt, tel de bochten en de weg naar boven mee, en doe er ongeveer een kwart bovenop. Reken per aansluitpunt ook een meter extra aan beide kanten, zodat je in de doos genoeg speling hebt. Kom je boven de vijftig meter uit, dan is een hele rol meestal voordeliger dan losse meters.

Mag ik zelf aan mijn elektra werken?

Voor je eigen woning mag dat wettelijk, maar het is werk waarbij een fout ernstige gevolgen heeft. Werk nooit aan een groep die onder spanning staat, en laat het aanleggen van nieuwe groepen, een kookgroep of een laadpaal over aan een erkende installateur. Die kan de installatie ook laten keuren, wat bij schade voor je verzekering uitmaakt.

Kan ik een verlengsnoer in de muur wegwerken?

Nee. Een verlengsnoer en VMVL-snoer zijn soepele snoeren, bedoeld voor apparaten die je kunt verplaatsen. Ze horen niet in een muur, niet onder het stucwerk en niet in de grond. Voor vaste aanleg gebruik je installatiedraad in een buis of YMvK-kabel.

Meer in detail

Wat betekent VD, YMvK en YMvK-as?

VD is installatiedraad: één massieve koperader met PVC-isolatie, type H07V-U. YMvK is een mantelleiding voor vaste aanleg: meerdere PVC-geïsoleerde aders met vulling en een PVC buitenmantel, geschikt tot 0,6/1 kV. De toevoeging "as" bij YMvK-as staat voor aardscherm: een vlechtwerk van gegalvaniseerde staaldraden met een koperen aarddraad, waardoor de kabel rechtstreeks de grond in mag.

Mag installatiedraad los liggen?

Nee. NEN 1010 staat geïsoleerde geleiders alleen toe in buizen, in kanaal- en gootsystemen en op isolatoren. Los leggen, rechtstreeks op de wand klemmen of open in een kabelgoot mag niet. Wil je zonder buis werken, gebruik dan YMvK-kabel: die heeft een eigen mantel en mag wel geklemd of weggewerkt worden.

Welke doorsnede hoort bij welke zekering?

Daar bestaat geen vaste tabel voor. NEN 1010 schrijft een berekening voor waarin ook de installatiemethode meetelt. Dezelfde 1,5 mm² kan 19,5 A aan wanneer hij los op de wand ligt, maar slechts 14,5 A in een buis in een geïsoleerde wand. Daarom is 2,5 mm² in de Nederlandse woningbouw de facto standaard geworden voor 16 A-groepen, ook al is dat geen normeis. Laat een installatie in twijfelgevallen doorrekenen.

Wat is het verschil tussen 3G2,5 en 3x2,5?

De G betekent dat er een groen/gele aardader in zit, de x betekent dat die er niet in zit. Het cijfer vooraan is het totale aantal aders inclusief de aarde. Een 3G2,5 heeft dus bruin, blauw en groen/geel. Let op: leveranciers gebruiken de x en de G in de praktijk door elkaar, dus controleer altijd de productspecificatie in plaats van af te gaan op de naam.

Welke brandklasse heb ik nodig?

Voor gewone ruimtes in een woning is Dca de wettelijke ondergrens volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving. In een beschermde vluchtroute geldt Cca, in een extra beschermde vluchtroute B2ca. Die eis geldt alleen voor leidingen die grenzen aan de binnen- of buitenlucht. Onze YMvK is Dca, onze installatiedraad is Eca.

Mag installatiedraad in klasse Eca dan wel?

Ja, zolang de buis volledig is weggewerkt in een wand, vloer of plafond. Dan grenst de leiding niet aan binnen- of buitenlucht en geldt de eis niet. Ligt de buis in een holle wand, een verlaagd plafond of een verhoogde vloer, dan grenst hij wel aan binnenlucht en heb je Dca nodig. Twijfel je bij een project, controleer dan het bestek.

Hoe diep moet een grondkabel liggen?

NEN 1010 schrijft een sleufdiepte van ten minste 0,5 meter voor. De vaak genoemde 60 centimeter is geen normeis maar aanlegpraktijk van netbeheerders in openbare grond. Verplicht is wel de markering: boven de kabel moet een kabelafdekking of een geschikt waarschuwingslint liggen, in de praktijk 10 tot 30 centimeter erboven.

Kan ik gewone YMvK in de grond leggen?

Nee, gebruik daarvoor YMvK-as. Het aardscherm van gegalvaniseerde staaldraden beschermt de kabel mechanisch en voert foutstroom af. Gewone YMvK mist dat scherm en hoort niet rechtstreeks de grond in. Wil je een kabel later kunnen vervangen, leg dan een mantelbuis en trek de kabel daar doorheen.

Welke kabel heb ik nodig voor een laadpaal?

Dat hangt af van het vermogen en de afstand. Gangbaar is 2,5 mm² bij 1 fase 16 A, 6 mm² bij 1 fase 32 A, en 4 tot 6 mm² per ader bij een driefasige 11 kW-laadpaal. Belangrijker dan de dikte: NEN 1010 rubriek 722 eist dat elk laadpunt een eigen eindgroep met eigen beveiliging krijgt, en aardlekbeveiliging die ook gelijkstroomfouten detecteert. Laat dit door een installateur berekenen en aanleggen.

Wat is voorbedrade installatiebuis?

Dat is installatiebuis met de draden er al in, geleverd op rollen. Je trekt de buis in en de bedrading zit er direct in, zonder apart intrekken met een veer. Dat scheelt veel arbeid bij nieuwbouw en grotere renovaties. Er zijn uitvoeringen met installatiedraad, met UTP en met KNX-buskabel.

Wanneer gebruik ik siliconen kabel?

Bij hoge temperaturen, bijvoorbeeld in of vlak bij armaturen, in een sauna of in de buurt van verwarmingselementen. De siliconen isolatie blijft daar soepel en gaat niet verharden of barsten zoals PVC dat na verloop van tijd doet. Voor gewone installaties in een woning is het niet nodig.

Wat is buskabel en wanneer heb ik dat nodig?

Buskabel is de bekabeling voor een KNX-domoticasysteem. In plaats van dat elke schakelaar rechtstreeks naar een lamp loopt, gaan alle bedieningen via één buskabel naar een centrale installatie. Dat maakt achteraf herprogrammeren mogelijk zonder opnieuw kabels te trekken. Zinvol bij nieuwbouw waar je slimme bediening wilt; voor een gewone installatie niet nodig.

Niet zeker welke kabel of doorsnede je nodig hebt?

Stuur ons wat je gaat aansluiten, hoe lang de kabel wordt en hoe hij wordt aangelegd. Dan denken we mee en rekenen we uit hoeveel je nodig hebt.

Vraag advies aan Kabel Schakelmateriaal